vrijdag 31 juli 2020

Excursie Slot Assumburg


Zondag 26 juli 2020
Vandaag zijn we, op uitnodiging van de Historische Kring Velsen, op bezoek voor een excursie naar het Kasteel Assumburg en kasteeltuin.

Onder leiding van een gids werden we door de diverse tuinen rondgeleid. De kasteeltuin kenmerkt zich door een Rosarium, boomgaard, baroktuin en de groente- en kruidentuin.

De groente- en kruidentuin bevindt zicht aan de noordzijde van het kasteel. In de groentetuin worden vooral de vergeten groenten, zoals gele wortelen, blauwe raapstelen en witte bieten, geteeld. In kruidentuin vindt men o.m. Kardoen, Is nauw verwant aan de artisjok en is afkomstig uit het Middellands Zeegebied. 

Warmoes, een zeer oude groente die al in de 4e eeuw vóór Christus door Aristoteles werd beschreven. Het is een snijbiet waarbij je de plant drie a vier keer per jaar kunt afsnijden. Het blad en de stengels zijn erg smakelijk en is rijk aan vitamine C en calcium, tevens heeft het een hoog ijzergehalte.

 

 

 


Schorseneren, de smaak lijkt op asperges en daarom wordt deze groente ook armeluisasperges genoemd. een andere bijnaam is; keukenmeidenverdriet. waarschijnlijk omdat het schoonmaken van de groente veel werk vereist. het zijn lange dunne wortels met een bruine schil. het bleek crème vruchtvlees heeft een heerlijke smaak.





Het Rosarium kenmerkt zich door de variëteiten van diverse rozen. Centraal in het Rosarium staat het rozenprieel. Deze wordt veel gebruikt voor het sluiten van huwelijken.
De Boomgaard. In de boomgaard vindt men fruitbomen, zoals appel-, peren-, pruimen- en kersenbomen van rassen die al meer dan 150 jaren bestaan. Zeer toepasselijk was als eerste boom een Assumerpeer geplant.

De Baroktuin in Frans-classicistische stijl is van 2009 opnieuw aangelegd naar de oorspronkelijke situatie zoals te zien is op gravures uit 1729. Opvallend zijn de vier “broderies” met geschoren Ilex hulstplanten in wit grind.
Rond het jaar 1700 liet een Amsterdamse regent, koopman en bankier, Jean Deutz (1655-1719) zijn oog vallen op slot Assumburg en liet naast een flinke verbouwing van het kasteel ook een prachtige symmetrische baroktuin aanleggen die paste bij zijn maatschappelijke positie en de schoonheidsidealen van die tijd. In 1729 werd van deze tuin een kopergravure gemaakt die als leidraad is gebruikt om de tuin weer in oude luister terug te brengen. De tuin heeft waarschijnlijk niet zo lang bestaan, gezien na de Franse revolutie deze architectuur verdween om plaats te maken voor andere tuinstijlen, zoals de Engelse landschapsstijl. Het terrein is tussen 1911 en 1945 vervallen tot vuilstortplaats. Na de aanleg van het park Assumburg Oud-Haerlem rond het jaar 2000 is in 2008 na sanering van het terrein begonnen met de reconstructie van de tuin. Op 10 juni 2011 werd de nieuwe kasteeltuin geopend.

Even een zijsprongetje. Sinds kort heeft men de contouren van het Kasteel Oud-Haerlem kunnen ontdekken.
In de jaren dertig van de vorige eeuw werden bij het Noord-Hollandse Heemskerk met behulp van luchtfotografie sporen van een oud kasteel herontdekt. Het zogeheten Slot Oud Haerlem werd gebouwd in de dertiende eeuw en in 1351, tijdens de Hoekse en Kabeljauwse twisten, verwoest. Recent hebben archeologen het terrein met nieuwe technieken onderzocht. Hierbij is een grote nieuwe kasteelstructuur gevonden. Vermoedelijk gaat het om de voorburcht van het complex.



Na de rondleiding door de tuin van het kasteel Assumburg werden we bij, wat nu de ingang is, door een gids van de Historische Vereniging Heemskerk door het Slot Assumburg rondgeleid.
Slot Assumburg is een kasteel in het oosten van Heemskerk. Het dateert waarschijnlijk oorspronkelijk uit de 13e eeuw, maar werd in 1546 verbouwd, en is genoemd naar de buurtschap Assum tussen Heemskerk en Uitgeest. Er wordt wel aangenomen dat bij de bouw is gebruikgemaakt van sloopmateriaal van kasteel Oud Haerlem, maar dat is niet het geval. De kracht die het kasteel uitstraalt, is ook meer schijn dan werkelijkheid. Het is in feite een imitatie van een middeleeuws kasteel. De dunne muren zouden een beleg niet hebben kunnen doorstaan. Een dergelijk kasteel wordt doorgaans coulissenkasteel genoemd.
Slot Assumburg is gedurende vele eeuwen een adellijk verblijf geweest. Een groot aantal verschillende geslachten hebben er gewoond. Na 1867 bleef het slot onbewoond. De betimmeringen en de gebruiksvoorwerpen werden overgebracht naar kasteel Marquette.
Ook de omgeving raakte haar oude glorie kwijt: het park rond het slot verdween. Vanaf 1911 tot 15 januari 2016 was het eigendom van het Rijk. Het slot werd voor één gulden overgedaan aan de staat met de verplichting het slot te restaureren. De restauratie in opdracht van de Rijksgebouwendienst kwam uiteindelijk rond 1980 gereed. De in de nabijheid gelegen oranjerie was al rond 1965 gerestaureerd. In 1933 kreeg de Assumburg haar bestemming als jeugdherberg.
De geschiedenis van Slot Assumburg.
Slot Assumburg is gedurende vele eeuwen een adellijk verblijf geweest. Een groot aantal verschillende geslachten hebben er gewoond.
Het slot stond in de 13e en 14e eeuw bekend als Williaems Woninghe van Velsen en ’t werd zoals de naam al aanduidt, bewoond door de familie van Velsen. Andere bekende families die het slot hebben bewoond waren Van Assendelfts, de Van Polanens en de Van Renesses.

Rechtspraak in slot Assumburg

In de Middeleeuwen was het platteland verdeeld in een groot aantal ambachten. Heemskerk was zo'n ambacht. Het recht om rechtspraak en bestuur uit te oefenen, was in handen van de ambachtsheer, die dit recht in leen hield van de graven van Holland. De eerste ambachtsheren waren leden van het geslacht Van Haarlem, bewoners van Oud-Haerlem, en beleend met zowel het bestuur van Heemskerk als dat van Castricum. Met de dood van Jan van Bergen, die in 1321 zonder zoons stierf, vervielen de bezittingen van het geslacht Van Haarlem en daarmee ook de heerlijkheid Heemskerk aan de grafelijkheid. In 1327 verkocht de graaf het kasteel Oud-Haerlem, tesamen met de ambachten Heemskerk en Castricum, aan Jan van Polanen. Leden van de familie Van Polanen mochten zich tot aan het einde van de 15e eeuw ambachtsheer van Heemskerk noemen. Door het in 1493 gesloten huwelijk van Aleid van Kijfhoek met Claes van Assendelft kregen leden van het geslacht Van Assendelft, bezitters van het kasteel De Assumburg, de heerlijkheid Heemskerk in handen. De lotgevallen van Assumburg werden daardoor verbonden aan die van Oud-Haerlem. Tot het begin van de 17e eeuw bezaten de Assendelfts zowel De Assumburg als de heerlijkheid Heemskerk. In later tijd was de heerlijkheid gedurende langere tijd in het bezit van leden van het geslacht Van Renesse en de Amsterdamse koopmansfamilie Deutz van Assendelft. De ambachtsheer bezat het recht om schout en schepenen aan te stellen. De heerlijke rechten werden bij de staatsregeling van 1798 officiëel afgeschaft. Aanvankelijk geheel en al, maar het staatsbesluit van 6 juni 1806 betekende een gedeeltelijke terugkeer naar de oude situatie. Het recht van de heer tot aanstelling van ambtenaren, zoals schout en secretaris, werd opnieuw ingevoerd, voor zover de ambachtsheer dit recht voor 1795 bezeten had. In de grondwet van 1814 werden de heerlijke rechten wederom ingevoerd, waarna ze met de grondwetsherziening van 1848 geheel werden afgeschaft.

In 1669 kocht koopman Johannes Wuijtiers het kasteel. Toen na diverse eigenaren een zekere mr. Jean Deutz in 1694 het kasteel had gekocht, liet deze de Assumburg aanmerkelijk verfraaien naar de smaak van die tijd (met een prachtig park met waterpartijen en plantsoenen).
De laatste Deutz was jhr. mr. Jacob Maarten Deutz van Assendelft die op het kasteel woonde en er ook stierf (in 1858). Toen zijn vrouw Josina Johanna Willink in 1867 in Amsterdam stierf, was dat tevens het einde van de Assumburg als aanzienlijk buitenverblijf. Veertien dagen lang vond er een veiling plaats van de inboedel (oktober 1868).



Plafond schildering met links het wapen van Deutz van Assendelft.

Ook het landbezit werd van de hand gedaan. Na een jaar lang verhuurd te zijn geweest aan een gefortuneerde Engelsman, Hugh Hope Loudon, kreeg het gebouw diverse functies: in 1881 als hospitaal tijdens een cholera epidemie en later nog als school.
In 1906 liet jhr. mr. Hugo Gevers van Marquette de betimmering van de grote zaal naar kasteel Marquette overbrengen. Ook de marmeren schoorstenen en vier deuren met hun omlijsting werden daarheen gebracht. Nadat het slot niet meer bewoond werd raakte de omgeving ook de oude glorie kwijt. Het park rond het slot verdween. Sedert 1911 is het in eigendom van het rijk, het werd voor één gulden overgedaan aan de staat, dit met de verplichting het slot te restaureren. In 1933 kreeg de Assumburg haar bestemming als jeugdherberg. Tegenwoordig is er een hostel van Stayokay in de Assumburg gevestigd.
De grote vijver werd in 1933 gedempt met onverkoopbare bollen. Omdat de provincie Noord-Holland zo weinig kastelen telde werd besloten het gebouw te restaureren. Een bestemming als jeugdherberg waarborgde het sociale nut van het oude slot. Op 15 juli 1933 vonden de eerste trekkers er onderdak. Tijdens de oorlog van 1940/45 legerden de Duitsers zich in het kasteel. Na de bevrijding diende het als huis van bewaring voor een dertigtal politieke gevangenen.

Het beheer over het gebouw wordt door de Rijksgebouwendienst gevoerd. Vooral sinds 1950 werd het kasteel met stukjes en beetjes gerestaureerd. De in de nabijheid gelegen oranjerie is rond 1965 gerestaureerd. Na de voltooiing van de restauratie van het kasteel zelf vond de feestelijke heropening van het hotel plaats in oktober 1980.
Het slot zelf is alleen aan de buitenzijde zichtbaar. Zelfs op Open Monumentendagen is slechts een zeer beperkt deel van het slot toegankelijk. Men kan van boven op de muren uitkijken naar de weilanden in de omgeving.















Slot Assumburg – 1790




















Slot Assumburg - 2020


 






















De oorspronkelijke ingang bevond zich aan de zijkant van het Slot Assumburg. Naast het kleine deur is de bel nog aanwezig.

Op de pentekening is het bruggenhoofd en de ophaalbrug te zien.



Het kasteel ligt aan de oostzijde van Heemskerk. Naast het slot bevindt zich het landschapspark Assumburg dat in 2003 is aangelegd.
In 2009 werd begonnen om de 18e eeuwse baroktuin in Frans-Klassisistische stijlweer in originele staat te brengen.
Onder bezielende leiding van hoofd groenvoorziening van de Gemeente, Nico Brantjes werd een plan gemaakt en de uitvoering gestart.  De nieuwe kasteeltuin werd geopend in 2011, meet bijna drie hectaren en bevat naast broderies, vijver met fonteinen, een boomgaard met 150 oude hoogstam fruitrassen (vooral appels en peren), die al vóór 1850 beschreven zijn. Verder een kruidentuin en een rozentuin.
Als sluitstuk werd een wit marmeren beeld geplaatst van Elisabeth Stienstra, een moderne versie van de mythe van de Sabijnse Maagdenroof, waarvan in de oorspronkelijke tuin een kopie heeft gestaan.

Bezitgeschiedenis:

Jan van Rietwijk werd in 1322 beleend met de helft van de Assumburg. De andere helft behoorde toen al aan Barthoud van Assendelft. Op 17 mei 1328 verkocht Jan zijn helft van de Assumburg aan Barthoud van Assendelft. Daarna droeg Barthoud (I) de gehele Assumburg op aan de heer Jan van Polanen (eigenaar kasteel Oud Haerlem), die hem ermee beleende op 5 juni 1335.
Barthoud was getrouwd met Catharina, dochter van Dirk van den Wale, hofmeester van graaf Willem III. Dirk van den Wale was een bastaard van Polanen! Barthoud stierf waarschijnlijk in 1345.

Zijn oudste zoon Dirk (I) verkreeg de Assumburg, maar is vrij kort daarna kinderloos overleden, zodat zijn jongere broer Gerrit (II) zich in 1348 op dit kasteel kon vestigen. Deze Gerrit was in relatie gebleven met de familie van zijn oude leenheren de Van Haerlem's: hij trouwde met Stevina van Haarlem. Sedertdien hebben de Van Assendelft's het wapen van de Van Haerlem's in het hunne opgenomen. Hun oudste zoon Barthoud (II) werd door hertog Willem VI verbannen. Dus betrok broer Dirk (II) van Assendelft in 1413 de Assumburg en liet zich daarmee zelfs belenen (20 april 1421). De laatste mannelijke Van Assendelft die de Assumburg heeft bewoond was Gerrit (VIII) (1567-1617) heer van Assendelft (1601), Assumburg, etc. Gerrit (VIII) bleef ongehuwd.

Na zijn dood ontving zijn zuster Anna (II) de Assumburg in leen (1618). Ze was getrouwd met Gerrit van Renesse van der Aa. Anna stierf in 1626. Nog enkele tientallen jaren bleven er Renesse's op de Assumburg wonen, maar in 1669 kocht koopman Johannes Wuijtiers het kasteel. Toen na diverse eigenaren een zekere mr. Jean Deutz in 1694 het kasteel had gekocht, liet deze de Assumburg aanmerkelijk verfraaien naar de smaak van die tijd (met een prachtig park met waterpartijen en plantsoenen). De laatste Deutz was jhr. Mr. Jacob Maarten Deutz van Assendelft die op het kasteel woonde en er ook stierf (in 1858). Toen zijn vrouw Josina Johanna Willink in 1867 in Amsterdam stierf, was dat tevens het einde van de Assumburg als aanzienlijk buitenverblijf. Veertien dagen lang vond er een veiling plaats van de inboedel (oktober 1868). Ook het landbezit werd van de hand gedaan.

Na een jaar lang verhuurd te zijn geweest aan een gefortuneerde Engelsman, Hugh Hope Loudon, kreeg het gebouw diverse functies: in 1881 als hospitaal tijdens een cholera epidemie en later nog als school. In 1906 liet jhr. Mr. Hugo Gevers van Marquette de betimmering van de grote zaal naar Kasteel Marquette overbrengen. Ook de marmeren schoorstenen en vier deuren met hun omlijsting werden daarheen gebracht. Tenslotte werd het tot bijna ruïne vervallen kasteel op 18 september 1911 aan het rijk verkocht. De grote vijver werd in 1933 gedempt met onverkoopbare bollen. Er werd besloten het gebouw te restaureren. Een bestemming als jeugdherberg waarborgde het sociale nut van het oude slot. Op 15 juli 1933 vonden de eerste trekkers er onderdak. Tijdens de oorlog van 1940/45 legerden de Duitsers zich in het kasteel. Na de bevrijding diende het als huis van bewaring voor een dertigtal politieke gevangenen.

De huidige ingang was breed genoeg om een koets door te laten. De arrestant kon dan tot aan de binnenplaats, waar recht werd gesproken, worden gebracht.

Rechtspraak middeleeuwen

Het geslacht Assendelft heeft een belangrijke rol gespeeld in de historie. Dirk van Assendelft schonk het slot in 1443 aan zijn zoon Gerrit van Assendelft. Hij was Eerste Raad van Keizer Karel V en stond later in bijzondere gunst bij Koning Philips II en de Landvoogdes Margaretha van Parma. Hij werd President van Holland genoemd door Hertog Philips. Gerrit diende meteen een verzoek in om misdadigers te mogen berechten, hetgeen werd toegestaan. Uit die tijd stamt nog de Vierschaar, die nu nog op de binnenplaats te vinden is. Hier werd vroeger het recht gesproken. In oude kronieken staan nog vonnissen vermeld, die hier zijn uitgesproken, waarvan b.v. deze:

Arend Dick van Oldenzeel ook wel klein Adriaantje genoemd, gehoord hebbende de beschuldiging tegen hem en zijn verdediging wordt als straf een stuk van zijn oor gesneden en gebrandmerkt. Verder wordt hij voor de rest van z 'n leven verbannen uit de Graafschap Holland. Zou hij terugkomen dan wordt hij gedood.

Uit die tijd stamt ook de gevangenis van het slot die er nu nog steeds in oude staat is. Ter afschrikking van boosdoeners werd op de zuidoost toren een galg opgericht. Hiervoor werd de bovenste helft van de toren gesloopt. In 1965 is deze toren weer in de oorspronkelijke staat opgebouwd.

Een andere Gerrit van Assendelft leefde omstreeks 1500. Hij was de oudste zoon van Nicolaas van Assendelft die in 1485 trouwde met de toen 15 jarige Aleid van Kijfhoek. Deze Gerrit heeft een stormachtige jeugd gehad. Zijn ouders wilden hem een meer intellectuele opvoeding geven. Daarom stuurden ze hem naar 0rléans in Frankrijk om daar te gaan studeren. In 0rléans woonde Katharine de Chasseur. Zij was de dochter van een herbergier. Toen Gerrit in 0rléans studeerde en wel eens een glaasje kwam drinken in de herberg werd hij verliefd op Katrientje. Vader herbergier dwong hem toen om met Katrientje te gaan trouwen. De vader zag dat hier wat te verdienen viel, haalde er een notaris en getuigen bij en zo werd Gerrit gedwongen zijn geliefde te trouwen.

Dit huwelijk was aanleiding tot veel narigheid. Na de trouwdag nam Gerrit de benen of wel het paard en verliet 0rléans. Maar de jeugdige Katrientje reisde hem achterna en schonk hem een zoon Nicolaas. Zij eiste dat Gerrit goed voor haar zou zorgen. Ze kreeg een groot huis in Den Haag, waar zij woonde met twee kamervrouwen, een kapelaan en een page. Gerrit heeft het maatschappelijk ver gebracht. Hij werd zelfs President van het Hof van Holland en Stadhouder van de Lenen (d.w.z. hoofd van de leenkamer).

Toen Gerrit's moeder overleed in 1530 achtte Katrien de tijd gekomen om verhoging van haar uitkering te vragen. Zij deed Gerrit zelfs een proces aan, dat na twee jaar eindigde met een overeenkomst waarbij Katrien een jaargeld van f 600,- werd toegekend. Gerrit zou zich belasten met de opvoeding van zijn zoon Nicolaas. Hij beloofde deze niet te zullen onterven als hij zelf daar geen aanleiding toe gaf.

De uitkering die Katharine van haar man ontving was blijkbaar niet voldoende. Met de hulp van de kapelaan ging zij vals geld vervaardigen, dat in omloop gebracht werd. Al werd het nog zo knap gedaan, het was ook in die tijd verboden geld te maken en het tweetal werd betrapt en gearresteerd. De kapelaan verloor zijn hoofd onder de valbijl en Katrientje werd veroordeeld tot de brandstapel. Op aandringen van Gerrit werd het vonnis veranderd in dood door verdrinking, wat in die dagen humaner geacht werd. Er werd haar door een trechter water in de mond gegoten, tot de dood er op volgde.

Hierbij nog wat foto’s van het interieur van Slot Assumburg.



De schouw is later geplaatst. De oorspronkelijke schouw is met vele onderdelen overgebracht naar het kasteel Marquette.





























Tot slot hebben een rondgang aan buitenzijde van Slot Assumburg gemaakt Hier konden we zien welke veranderingen aan het slot door de eeuwen heen hebben plaatsgevonden.


In de “speelkamer” vinden we een offering aan Baches.

 


















Duiventil, voor het verzenden van boodschappen.

En tot slot om aan te geven wat de protsige eigenaar van het Slot Assumburg aan het huis toevoegde, was dat hij naast de ingang een kogel liet inmetselen. Het Slot heeft nimmer een belegering gekend, daar waren de muren te dun voor.




zondag 2 februari 2020

Stamboom Reinierse, Kouwenberg en Baar

Stamboom Reinierse.

Jacobus Franz Reijnier, geboren te Amsterdam, gehuwd op 22 januari 1746 te Hoorn met (1) Lambertje Andries Does geboren te Hilversum. (2) huwde 2 september 1738 te Hoorn met Leentje Dirks van Yk.



Uit dit huwelijk van Jacobus Franz Reijnier en Lambertje Andries Does:


Huwelijks akte Lammert Reiniers en Geertruij van Hasselt, 19 april 1777.

  • Lammert Reiniers, geboren op 19 december 1751 te Hoorn, overleden op 6 februari 1788, gehuwd met Geertruij van Hasselt, geboren te Hoorn, overleden op 9 juni 1824
    Uit dit huwelijk:
    • Lammertje Reinierse (Reijniers), geboren rond 1778 te Hoorn, overleden op 15 december 1862, gehuwd op 26 juli 1826 te Hoorn met (1) Johannes Carolus Steindrager, geboren is 1759 in Damme (Oldenburg). (2) Teunis Jacobsz Mulder, geboren in 1773 te Hoorn.
    • Jacobus Reijnierse, geboren op 24 juli 1782 te Hoorn, overleden op 6 april 1867 te Hoorn, gehuwd op 18 december 1814 te Hoorn met Johanna Rodijk, geboren in 1792., overleden op 5 februari 1842 te Hoorn.
      Uit dit huwelijk:


    Geboorte akte Lambertus Reinierse
  • Lambertus Reinierse, van beroep smidsknecht, geboren op 20 oktober 1815 te Hoorn, overleden op 26 september 1892 te Bergen (NH), gehuwd op 12 februari 1842 te Winkel met (1) Jannetje Blaauw, geboren 29 oktober 1815 te Zijpe, overleden op 6 augustus 1847 te Winkel, dochter van Jan Blaauw en Maartje van der Molen. (2) Gehuwd op 6 mei 1849 te Hoorn met Trijntje van der Hust, geboren op 2 juni 1815 te Hoorn, overleden op 26 november 1881 te Bergen (NH), dochter van Pieter van der Hust en Marretje van Dam.
    Uit het huwelijk van Lambertus Reinierse en Jannetje Blaauw:
    • Johanna Reinierse, geboren op 2 april 1842 te Winkel, overleden op 13 juni 1876 te Winkel, gehuwd op 22 april 1866 te Winkel met Cornelis Brugman.
    • Jan Reinierse, geboren op 29 mei 1843 te Winkel, overleden op 31 augustus 1877 te Winkel, gehuwd op 17 mei 1871 met Trijntje Maat, geboren op 31 januari 1843 te Barsingerhorn.
      Uit dit huwelijk:
      • Lambertus Rijnierse, geboren op 18 februari 1872 te Heer Hugowaard, overleden op 27 juni 1928 te Alkmaar, gehuwd 8 mei 1904 te Winkel met Roelofje de Reus, geboren op 6 maart 1884 te Winkel, overleden op 7 december 1939 te Maarseveen, dochter van Jan de Reus en Maartje Bennemeer.
      • Hendrik Reinierse, geboren op 13 september 1873 te Heer Hugowaard.
      • Jan Rijnierse, geboren op 13 december 1874 te Heer Hugowaard
      • Antje Rijniersce, geboren op 29 augustus 1876 te Heer Hugowaard, gehuwd op 12 maart 1906 te Winkel met Laurentius F.T. Koelman, van beroep notarisklerk.
Overlijdens akte Geertruij van Hasselt 9 juni 1824

        • Arnoldus Reiniers, geboren op 24 december 1817 te Hoorn, overleden op 8 april 1867 te Hoorn, gehuwd op 6 augustus 1843 te Hoorn met Helena (Leentje) Groen, geboren 1 januari1806, overleden op 4 januari 1863 te Hoorn, dochter van Jacob Groen en Niesje Wijtkamp.
          Uit dit huwelijk:
          • Jacobus Reinierse, geboren op 9 maart 1847 te Hoorn, overleden op 3 september 1888 te Hoorn, gehuwd op 28 juli 1871 te Hoorn met Diewertje Hoek, geboren 1 januari 1847 te Hoorn, overleden op 9 juni 1926 te Hoorn, dochter van Jan Hoek en Wilhelmina Catharina Waltering.
          Uit dit huwelijk:
          1. Abraham Rijniersce, geboren op 13 oktober 1873 te Hoorn, overleden op 21 april 1875 te Hoorn.
          2. Johannes Jacobus Reinierse, geboren op 17 december 1875 te Hoorn, overleden op 29 november 1954 te Alkmaar, gehuwd op (1) 14 augustus 1903 te Hoorn met Regina Heiliger, geboren te Hoorn, overleden op 18 maart 1908 te Alkmaar, dochter van Klaas Heiliger en Maria Venverloo.(2) op 10 december 1908 te Alkmaar met Trijntje de Haan, geboren op 2 juli 1875 te Graft, overleden op 12 december 1952 te Alkmaar, dochter van Dirk de Haan en Dina Koen.
Uit dit huwelijk van Johannes Jacobus Reinierse en Regina Heiliger:
  1. Jacobus Arnoldus Reinierse, geboren op 31 mei 1904 te Hoorn, op 18-jarige leeftijd vertrokken op 17 juli 1940 met de boot Christiaan Huygens via New York naar Batavia, ned. Indie.





  Motorschip Chritiaan Huygens

        1. Theodorus Johannes Reinierse, geboren 9 september 1907, overleden op 12 april 1928 te Alkmaar.
 Uit het huwelijk van Johannes Jacobus Reinierse en Trijntje de Haan:


Huwelijks akte Johannes Jacobus Reiniers - Trijntje de Haan
  1. Johannes Theodorus Jacobus Reinierse, geboren 6 juli 1910 te Alkmaar.
  2. Divera Catharina Reinierse, geboren op 14 oktober 1911 te Alkmaar, gehuwd op 24 oktober 1929 te Alkmaar met Bernard Kaal, van beroep arbeider, geboren te Apeldoorn, zoon van Zogaret Kaal en Everdina Wilhelmina Francina Meijer
  3. Wilhelmina Catharina Helena Reinierse, geboren 9 augustus1913, overleden 12 oktober 1913 te Alkmaar, 2 maanden oud,
  4. Johan Reinierse, geboren 1915, overleden 27 december 1915 te Alkmaar, 11 maanden oud.
  5. Johanna Reinierse, geboren op 15 maart 1916 te Alkmaar, gehuwd op 8 april 1937 te Alkmaar met Cornelis Marie Kouwenberg, geboren 16 mei 1915 te Den Helder, zoon van Cornelis Kouwenberg en Maartje Lont.
(Dit is tevens de aansluiting van het geslacht Kouwenberg.)


Huwelijks akte Cornelis Marie kouwenberg en Johanna Reinierse 8 april 1937

3.      Abraham Rijnierse, geboren op 20 mei 1878 te Hoorn, gehuwd op 3 oktober 1902 te           Hoorn met Jannetje Snieder, geboren te Monnickendam, dochter van Jan Snieder en           Catharina Klein.
Uit dit huwelijk:
  1. Jacob Rijnierse, geboren op 28 april 1903 te Amsterdam
  2. Adriaan Rijnierse, geboren op 27 juli 1904 te Haarlem.
  3. Wilhelmina Rijnierse, geboren op 14 juni 1907 te Den Haag, gehuwd op 11 januari 1928 te Amsterdam met Cornelis Galjaart, zoon van Petrus Galjaart en Pieternella Marcuste.
  4. Johannes Jacobus Rijnierse, geboren op 3 september 1914 te Amsterdam, gehuwd op 30 november 1938 te Amsterdam met Maria Magdalena Pastoor, geboren op 2 juli 1920 te Amsterdam.
  5. Diewertje Rijnierse, geboren 4 februari 1916 te Amsterdam.
4.    Johan Jacobus Adrianus Rijnierse, geboren op 16 september 1880 te Hoorn, gehuwd            op 1 mei 1904 te Edam met Johanna Maria Vallentgoed, geboren op 24 februari 1885          te Edam, overleden op 4 mei 1918 te Edam, dochter van Louis Valentgoed en                        Reinoutje Hoogstraten.
5. Wilhelmina Catharina Reinierse, geboren op 13 april 1883 te Hoorn.
6. Arnoldus Reinierse, overleden op 24 december 1888 te Hoorn
  • Jacobus Reinierse, van beroep hoefsmit, geboren op 9 mei 1845 te Winkel, overleden op 16 augustus 1912 te Bergen (NH), gehuwd op 13 mei 1866 te Winkel met Willemtje Otto, geboren 2 augustus 1844 te Spanbroek, overleden 22 januari 1915 te Bergen (NH), dochter van Pieter Otto en Grietje Kok.
Uit dit huwelijk:
  • Trijntje Rijnierse, geboren op 9 juni 1867 te Bergen (NH), overleden op 12 januari 1930 te Alkmaar, gehuwd op 14 april 1895 te Bergen (NH) met Arend Passer, van beroep smid, geboren op 10 oktober 1864 te Hoorn, overleden op 21 januari 1939 te Bergen (NH), zoon van Jacob Passer en Maria Hees.
    Uit dit huwelijk:
    • N.N. Passer, geboren en overleden op 29 juli 1903 te Hoorn.
    • Jacob Passer, geboren te Haarlem op 16 maart 1896, overleden op 30 december 1950 te Bergen (NH)
  • Pieter Rijniersce, van beroep smid/handelsreiziger, geboren op 1 januari 1869 te Bergen (NH), gehuwd op (1) Elisabeth van Hees, geboren te Hoorn, gehuwd op 30 april 1897 te Hoorn. Dochter van Arent van Hees en Geertruida de Waal. (2) op1 februari 1901 met Antje Boon, geboren op 22 augustus 1869 te Schermerhorn, dochter van Pieter Boon en Wilmijntje Mijl. (3) op 18 oktober 1906 met Hendrica Anthonia de Koff, geboren te Utrecht, dochter van Hendrikus Martinus de Koff en Anthonia Mina Jeannetta La Febre.
    Uit het huwelijk van Pieter Rijnierse en Antje Boon:
    • Jacoba Wilhelmina Rijniersce, geboren 11 november 1901 te Hoorn
    • Anna Rijniersce, geboren 23 maart 1904 te Alkmaar, overleden, overleden 16 januari 1919 te Renkum.
  • Jannetje Rijnierse, geboren op 7 september 1872 te Bergen (NH), overleden op 11 februari 1935 te Bergen (NH), gehuwd op 6 oktober 1898 te Bergen (NH)met Gerrit Spruit, van beroep pakhuisknecht, geboren op te Bergen (NH), zoon van Cornelis Spruit en Rensje van den Berg.
  • Lambertus Rijnierse, van beroep koopman, geboren 5 november 1877 te Bergen (NH), overleden op 3 februari 1955 te Bergen(NH), gehuwd op 18 januari 1900 te Bergen (NH) met Neeltje Broertjes, geboren op 31 oktober 1878 te Anna Paulowna, overleden op 9 augustus 1960 te Bergen(NH), dochter van Cornelis Broertjes en Elisabeth Houtkoper.
    Uit dit huwelijk:
    • Jacobus Rijniersce, geboren op 8 januari 1905 te Bergen (NH), gehuwd met Margaretha Swaan geboren 20 december 1902 te Bergen (NH).
    • Egbert Rijniersce, geboren op 13 juli 1912 te Bergen (NH). Gehuwd met Neeltje Burger, geboren op 15 mei 1912 te Haarlem, overleden op 28 augustus 2004 te Alkmaar.
  • Jan Rijnierse, geboren 12 juni 1885 te Bergen (NH), overleden op 3 april 1952 te Amsterdam, gehuwd op 3 november 1916 te Bergen (NH) met Antonia Heger, geboren op 3 september 1890 te Amsterdam, overleden op 20 oktober 1973 te Amsterdam, dochter van Herman Barend Heger en Antje Sielman.
    • Jacobus Rijmierse, geboren op 13 april 1920 te Bergen (NH), overleden op 13 november 1993 te Arnhem, Zoon van Jan Rijnierse en Antonia Heger. Gehuwd op 7 juni 1945 te Amsterdam met Loes de Vries, geboren 16 februari 1924 te Zaandam, overleden op 7 november 2011 te Arnhem.
      Uit dit huwelijk:
    • Kees Rijniersce, geboren op 6 februari 1950 te Amsterdam.
Het geslacht Kouwenberg.


Kouwenberg is een buurtschap in de gemeente Tilburg in de Nederlandse provincie Noord-Brabant. Het ligt iets ten noorden van de stad Tilburg aan de weg naar Vijfhuizen. Het is tevens een veel voorkomende achternaam, in allerlei varianten. Het niet duidelijk of Laurens Kouwenberg ook deze richting vandaan komt. 


Kouwenburg (of: Couwenburg) is de naam van een kasteeltje te Vught.
Kouwenburg is een versterkt huis aan Kleine Gent 9-11. Men gaat ervan uit dat het reeds omstreeks 1400 bestond, maar harde bewijzen zijn hier niet voor. In 1555 werd het omschreven als een "kasteeltje". Het huidige gebouw is gesticht in het 2e kwart van de 16e eeuw.
Ook hier is niet duidelijk of de afstammelingen Kouwenberg hier hun roots hebben liggen.

Laurens Kouwenberg, gehuwd met onbekende.
Uit dit huwelijk:
  1. Leendert Lourisz Kouwenberg, geboren rond 1606 te Noordwijk, gehuwd rond 1627 met Huijgje Huigens, geboren rond 1607 te Noordwijk.
Uit dit huwelijk:
  1. Jan Kouwenberg, geboren 19 august 1629 te Leiden.
  2. Beatris Kouwenberg, geboren 22 december 1630 te Leiden.
  3. Beatris Kouwenberg, geboren 18 april 1634 te Leiden.
  4. Grietje Kouwenberg, geboren 30 september 1635 te Leiden
  5. Adriaan Kouwenberg, geboren 26 mei 1637 te Leiden

Stevens Lourisz Kouwenberg (Couwenberg), geboren rond 1610, overleden juni 1679, gehuwd rond 1631 met Francijntje Francendr.
Uit dit huwelijk:
  1. Lourens Stevens Kouwenberg, geboren rond 1630 te Leiden, overleden januari 1671 te Leiden
Lourens Stevens, geboren 12 december 1632 te Leiden, gehuwd op 25 juli 1675 met Elisabeth Jans van Wijk.
Uit dit huwelijk:
Cornelis Lourens Kouwenberg, geboren rond 1662 te Leiden, gehuwd rond 1683 met Anna van Twist, geboren op 11 februari 1657 te Leiden, dochter van Pieter van Twist en Hester Dirks van Schagen.
Uit het huwelijk:
  1. Dirkje Kouwenberg, geboren 27 februari 1684 te Leiden.
  2. Lourens Kouwenberg, geboren 27 februari 1684 te Leiden.
  3. Hester Kouwenberg, geboren 20 april 1687 te Leiden.
  4. Dirck Kouwenberg, geboren 14 april 1691 te Leiden.
  5. Lourens Kouwenberg, geboren op 15 maart 1695 te Leiden, gehuwd (1) rond 1710 te Leiden met Elisabeth Lelijveld, (2) rond 1725 met Johanna Claasdr Flaman, geboren rond 1686 te Leiden, dochter van Claas claasz Flaman en Adriaantje Cornelisdr Binnenvet.
    Uit het eerste huwelijk:
    1. Rebecca Kouwenberg, geboren 30 oktober 1711 te Leiden.
    2. Cornelis Kouwenberg, geboren 8 december 1712 te Leiden.
    3. Anna Kouwenberg, geboren 31 mei 1714 te Leiden.
    4. Pieternelle Kouwenberg, geboren 3 mei 1716 te Leiden.
    5. Pieter Kouwenberg, geboren 22 december 1718 te Leiden.
    6. Maria Kouwenberg, geboren 6 augustus 1722 te Leiden.
    7. Beata Kouwenberg, geboren 15 augustus 1723 te Leiden.
Uit het tweede huwelijk:
1. Adriaantje Kouwenberg, 20 juni 1726 te Leiden.

  1. Annetje Kouwenberg, geboren 5 mei 1689 te Leiden, overleden op 4 juni 1768 te Leiden, gehuwd te Leiden met Pieter Wijting, geboren 16 januari 1664 te Leiden. Zoon van Claas Wijting en Maria Bos.
  2. Dirk Kouwenberg, geboren 12 april 1691 te Leiden.
  3. Dirk Kouwenberg, geboren 19 februari 1693 te Leiden.
  4. Dirk Kouwenberg, geboren 24 november 1694 te Leiden.
  5. Elisabeth Kouwenberg, geboren 28 mei 1698 te Leiden.

  1. Adriaantje Kouwenberg, geboren 24 augustus 1634 te Leiden.
  2. Grietje Kouwenberg, geboren 6 september 1635 te Leiden
  3. Philip Stevensz Kouwenberg, geboren 15 februari 1637 te Leiden, overleden april 1680 te Leiden, gehuwd rond 1659 te Leiden met Neeltje Jans
Uit dit huwelijk:
Cornelis Lourens Kouwenberg (Couwenberg), geboren rond 1662, gehuwd rond 1683 met Anna van Twist, geboren 11 februari 1657 te Leiden.
Uit dit huwelijk:
  1. Catalijntje geboren 21 april 1660 te Leiden.
  2. Francois Kouwenberg, geboren 13 augustus 1662 te Leiden
  3. Johannes Kouwenberg, geboren 5 juli 1665 te Leiden.
  4. Catalijntje Kouwenberg, geboren 17 juli 1667 te Leiden.
  5. Wilhelmina Kouwenberg, geboren 11 november 1671 te Leiden, gehuwd rond 1700 met Johannes van der Boon, geboren 5 december 1674 te Leiden, zoon van Jacob Simon van der Boon en Pietertje Harmans van Naaldwijk.
  6. Grietje Kouwenberg, geboren 1 maart 1674 te Leiden.
  7. Grietje Kouwenberg, geboren 23 december 1676 Leiden.
  8. Steven Kouwenberg, geboren 7 januari 1686 te Leiden, gehuwd rond 1701 met Ermpje Teunis van Naaldwijk, overleden op 27 april 1771 te Leiden, dochter van Teunis Hermans van Naaldwijk en Lijntje Jans.
    Uit dit huwelijk:
    1. Philippus Kouwenberg, geboren 20 augustus 1702 te Leiden.
    2. Philippus Kouwenberg, geboren 5 februari 1705 te Leiden, overleden op 12 maart 1783 te Leiden, gehuwd (1) 10 maart 1727 met Elisabeth Broekaert te Leiden, geboren rond 1705. (2) gehuwd op 15 juli 1734 met Johanna de Kamp, geboren rond 1700 te Leiden, overleden op 24 juni 1747.
      Uit het eerste huwelijk:
      1. Stephanus Kouwenberg, geboren 9 november 1727 te Leiden, overleden op 21 februari 1728 te Leiden.
      2. Abraham Kouwenberg, geboren 4 september 1729 te Leiden, overleden op 31 december 1729 te Leiden.
      3. Stefanus Philippus Kouwenberg, geboren 29 november 1730 te Leiden, overleden op 7 april 1731 te Leiden.
      4. Jacobus Kouwenberg, geboren 30 maart 1732 te Leiden, overleden op 29 januari 1812 te Leiden, gehuwd op 13 september 1751 te Leiden met Margaretha Bedijs, geboren 26 oktober 1732 te Leiden, dochter van Jan Jans Bedijs en Jannetje Diskaar.
Uit het tweede huwelijk:
  1. Ermpje Kouwenberg, geboren 10 augustus 1735 te Leiden, overleden op 26 november 1757 te Leiden.
  2. Johannes Kouwenberg, geboren 22 september 1737 te Leiden, overleden op 12 oktober 1737 te Leiden.
  3. Stephanus Kouwenberg, geboren 22 september 1737 te Leiden, overleden op 28 september 1737 te Leiden.
  4. Stephanus Philips Kouwenberg, geboren 20 mei 1739 te Leiden, overleden op 23 november 1748 te Leiden.
  5. Cornelia Kouwenberg, geboren 17 juli 1741 te Leiden, overleden op 9 juni 1742 te Leiden.
3. Jan Kouwenberg, geboren 23 januari 1707 te Leiden.

4. Lena Kouwenberg, geboren 29 mei 1709 te Leiden, gehuwd (1) rond 1730 met Cornelis van Rietkerken, geboren 25 september 1707 te Leiden, zoon van Jan van Rietkerken en Johanna Enkelaar.
5. Teunis Kouwenberg, geboren 16 september 1711 te Leiden, overleden op 1 juni 1782 te Leiden, gehuwd rond 1732 te Leiden met Lijsbeth Schult, geboren 19 september 1706 te Leiden, dochter van Johannes Schult en Anna Catharina de Wit.
Uit huwelijk:
  1. Ermpje Kouwenberg, geboren 10 augustus 1735 te Leiden.
  2. Anna Kouwenberg, geboren 9 maart 1735 te Leiden.
  3. Anna Kouwenberg, geboren 19 mei 1737 te Leiden.
  4. Steven Kouwenberg, geboren 23 juni 1741 te Leiden.
  5. Steven Kouwenberg, geboren 22 juni 1746 te Leiden.
    6. Jan Kouwenberg, geboren 26 maart 173 te Leiden
    7. Grietje Kouwenberg, geboren 15 september 1715 te Leiden.
    8. Jan Kouwenberg, geboren 8 oktober 1716 te Leiden.
    9. Frans Kouwenberg, geboren 18 september 1718 te Leiden.
    10. Stephanus Kouwenberg, geboren 27 maart 1721 te Leiden, overleden op 12 april 1721 te Leiden.
    11. Neeltje Kouwenberg, geboren 16 september 1722 te Leiden, overleden op 17 oktober 1722.
Frans (van) Kouwenberg, geboren op 18 september 1718 te Leiden, zoon van Steven van Couwenbergh en Ermpje van Naaldwijk,gehuwd op 19 januari 1742 te Leiden (ondetrouw) met Marijtje van den Heuvel, geboren 28 september 1713 te Leiden.
Uit dit huwelijk:
  1. Stefanus (van) Kouwenberg, geboren 6 juni 1743 te Leiden.
  2. Lena (van) Kouwenberg, geboren 26 juni 1746 te Leiden.

Frans Kouwenberg, geboren 13 september 1744, overleden 6 januari 1812 te Middelburg, zoon van gehuwd met Cornelia Blomdeel geboren te Middelburg, overleden 18 januari 1814 te Middelburg, dochter van Jacobus Blomdeel en Lauwerina de Brouwer.

Jan Fransz Kouwenberg, geboren op 21 augustus 1780 te IJzendijke, overleden op 28 december 1839 te Zijpe, zoon van Fans Kouwenberg en Cornela Blomdeel, gehuwd met Trijntje de Jong, geboren rond 1784 te Alkmaar, overleden op 13 augustus 1834 te Alkmaar, dochter van Cornelis de Jong en Aagje Klugt.

Cornelis Kouwenberg, geboren 3 mei 1814 te Zijpe, overleden op 24 maart 1868 te Zijpe, zoon van Jan Kouwenberg en Trijntje de Jong, gehuwd (1) op 9 mei 1840 te Zijpe met Maartje Slommer, geboren te Zijpe, dochter van Willem Slommer en Grietje de Jong. Gehuwd (2) op 14 februari 1846 te Zijpe met Trijntje Grootes, geboren op 14 december 1809 te Zijpe, overleden op 22 december 1881 te Zijpe.
  1. Grietje Kouwenberg, overleden op 8 jarige leeftijd 21 maart 1850

Jan Kouwenberg, geboren 9 mei 1847 te Zijpe, overleden op 2 december 1911 te Den Helder, zoon van Cornelis Kouwenberg en Maartje Grootes, gehuwd op 15 juli 1871 te Zijpe met Maartje Doorn, geboren 5 januari 1865 te Winkel, overleden op 6 mei 1913 te Velsen, dochter van Klaas Doorn en Aaltje Knoef.

Cornelis Kouwenberg, geboren 20 april 1872 te Zijpe, overleden op 9 maart 1939 te Beverwijk, zoon van Jan Kouwenberg en Maartje Doorn, gehuwd 9 april 1896 te Den Helder, met Maartje Lont, geboren 25 juli 1872 te Wieren, overleden 1 februari 1943 te Beverwijk, dochter van Adrianus Lont en Adriana Kooi.
  1. Simon Kouwenberg, overleden 3 maanden oud op 6 april 1901 te Heiloo.
  2. Jan Kouwenberg, overleden 1 jaar oud op 10 april 1901 te Heiloo.
  3. Levenloos kind, overleden 20 januari 1902 te Heiloo.
  4. Levenloos kind, overleden 10 april 1903 te Heiloo.
  5. Simon Kouwenberg, geboren 27 november 1907 te Uitgeest.
  6. Aaltje Klasina Kouwenberg, geboren 10 mei 1909 te Uitgeest, overleden op 3 juni 1909 te Uitgeest.
  7. Alida Clasina Kouwenberg, geboren 27 maart 1911 te Leiden, gehuwd op 12 december 1935 met Maarten Muijs, geboren te Beverwijk, zoon van Arie Muijs en Bertha Snijders.
  8. Clazina Kouwenberg, geboren 8 oktober 1912 te Leiden, overleden op 15 oktober 1912 te Leiden.
  9. Levenloos kind, overleden op 1 december 1913 te Haarlem.
  10. Maria Kouwenberg, gehuwd op 4 mei 1916 te Dordrecht, met Cornelis Johannes Visser, geboren te Dordrecht, zoon van Herbert de Visser en Catharina Nannings.
  11. Adriana Kouwenberg, geboren te Den Helder, overleden op 25 mei 1943 te Haarlem, gehuwd op 10 augustus 1916 te Beverwijk, met Jacob Eltjes van Velthuijsen, geboren te Beverwijk, zoon van Cornelis Adrianus van Velthuijsen en Margaretha de Ruiter.
  12. Jan Kouwenberg, geboren te Uitgeest, overleden op 11 jarige leeftijd, 24 maart 1917 te Haarlem.
  13. Jannetje Kouwenberg, geboren te Heiloo, gehuwd op 5 april 1923 te Beverwijk met Bertus Versteeg, geboren te Amsterdam, zoon van Ariën Jacob Versteeg en Lubbertje van Dam.

Cornelis Kouwenberg, geboren 16 mei 1915 te Den Helder, zoon van Cornelis Kouwenberg en Maartje Lont, gehuwd op 8 april 1937 met Johanna Reinierse, geboren 15 maart 1916 te Alkmaar, dochter van Johannes Jacobus Reinierse en Trijntje de Haan.
  1. Bernard Kouwenberg, overleden op 4 jarige leeftijd 15 augustus 1960 te Alkmaar.
  2. Trijntje Kouwenberg, gehuwd geweest met Frederikus Arnoldus Baar, geboren op 3 februari 1944 te Amsterdam, overleden op 28 november 2003 te Mexico.
Uit dit huwelijk:
  1. Petra Briggite Baar, geboren in Zaandam
  2. Astrid Carla Baar, geboren Wormerveer.
3. Cornelis Kouwenberg, geboren 25 mei 1939 te Alkmaar.
4. Jan Kouwenberg.

Het geslacht Baar.


Familie Baar

Frans Baar, geboortedatum onbekend, gehuwd met Seij van Schaik.
Uit dit huwelijk:
  1. Maria Baar, geboren 27 februari 1765 te Loenen, overleden op 13 april 1835 te Vreeland.
  2. Jacoba Baar, geboren 15 juli 1767 te Loenen.
  3. Johanna Baar, geboren 26 juni 1769 te Loenen.
  4. Cornelia Baar, geboren 26 juni1772 te Loenen.
  5. Jan Baar, geboren 9 december 1774 te Loenen.
  6. Cornelis Baar, geboren 15 april 1777 te Loenen, overleden op 8 oktober 1841.
  7. Gerrit Baar, geboren 20 juni 1779 te Loenen.
  8. Fransijntje Baar, geboren 5 juli 1782 te Loenen.
  9. Francijn Baar, geboren 6 maart 1785 e Loenen.

Cornelis Baar, geboren 15 april 1777, geboorteplaats Loenen, overleden 8 oktober 1841 te Kortenhoef. Cornelis Baar huwde op 29 augustus 1810 te Loenen en Slootdijk, Dirkje Pluijm, geboren 16 mei 1781, geboorteplaats Loenen, overleden 25 september 1862.



Trouwakte Cornelis Baar en Dirkje Pluijm

Loenen en Slootdijk

Overlijdens akte Cornelis Baar



Uit dit huwelijk:

  • Francois Baar, geb. 10 maart 1812 te Vreeland, overleden op 21 mei 1887 te Vreeland, gehuwd op 1 juli 1845 te Kortenhoef met Maria Catharina Barbara Pasch, geb. rond 1809 te Amsterdam, overleden 21 augstus 1886 te Vreeland. Dochter van Johannes Mathias Pasch en Barbara Geedts.
Gerrit Baar, geb. 10 januari 1814 te Vreeland, overleden op 6 april 1861 te Kortenhoef, gehuwd op 18 augustus 1848 te Vreeland met Willemijntje van Kesteren, geboren te Amsterdam rond 1818, dochter van Fredrik van Kester en Jantien van Santen.
  • Uit dit huwelijk:
    • N.N. Baar, geboren en overleden op 5 september 1849 te Kortenhoef
    • Frederik Josephus Baar, geboeren op 4 september 1849 te Kortenhoef, overleden op 9 september 1949 te Kortenhoef.
    • Anthonius Gerardus Baar, geboren 26 februari 1853 te Kortenhoef, overleden 17 november 1911 te Vreeland, gehuwd op 17 maart 1893 te Kortenhoef met (1) Sara Maria Spijker, geboren 8 maart 1854 te Loosdrecht, overleden 29 oktober 1919 te Vreeland, dochter van Jan Spijk en Johanjna Dolman. (2) Wilhelmina Roetman, geboren op 1 april 1856 te Vreeland, overleden op 7 mei 1883 te Vreeland gehuwd op 19 september 1876 te Vreeland, dochter van Gerrit Roetman en Johanna Tegenbos.
    • Gerardus Bernardus Baar, geboren 1856, overleden op 5 februari 1857.
    • Gerardus Antonius Josephus Aloisius Baar, geboren 1857 te Vreeland, overleden 20 december 1858 te Vreeland.
    • Bernardus Geradus Baar, geboren 1860 te Kortenhoef, overleden op 1 mei 1862 te Kortenhoef.
    • Frederik Josephus Baar, geboren
  • Jan Baar, geb. 25 mei 1815 te Vreeland, overleden op 22 september 1884 te ‘s Graveland, van beroep Metselaar, gehuwd op 3 september 1843 te ‘s-Graveland met Anna Higler, geb. 11 februari 1815 te Vreeland, overleden 5 december 1887 te ‘s-Graveland. dochter van Fredrik Higler en Anna Schippers.
    • N.N. geboren en overleden op 29 maart 1850 te ‘s-Graveland.
    • Frederik Baar, geboren 26 februari 1847 te ‘s-Graveland, overleden 30 oktober 1912 te Bussum, van beroep metselaar, gehuwd op 12 augustus 1874 te Hilversum met Elisabeth Lam, geboren 8 september 1849, dochter van Hendrik Lam en Catharina Theodora Humme.
    • Dirkje Baar, van beroep dienstbode, geboren 1852 te ‘s-Gravenland, overleden op 27 augustus 1901 te Hilversum, gehuwd op 16 februari 1878 te ‘s-Gravenland met Wilhelmus Petrus ter Berg, van beroep schoenmaker, geb. 1843 te Hilversum.
    • Johannes Baar, van beroep bediende, geboren 10 juni 1855 te Kortenhoef, overleden op 15 september 1913 te Bussum, gehuwd op 9 april 1890 te Amsterdam, met Theodora Cornelia Stornel, geboren 29 maart 1865 te Culemborg, overleden 5 april 1918 te Bussum, dochter van Pieter Gabriel Stornel en Sophia Baar.
Huwelijks akte Jan Baar en Anna Higler
  • Barend Baar, van beroep Kleermaker, geb. 30 november 1816 te Vreeland, overleden op 21 oktober 1889 te Vreeland, gehuwd op 4 oktober 1843 te Kortenhoef, gehuwd met Petronella van Deudekom, geb. 6 augustus 1816, overleden 2 april 1862, dochter van Kors van Deudekom en Janneke Bak.
    Uit dit huwelijk:
    • Johannes Cornelis Baar, geboren op 4 januari 1845 te Vreeland, overleden op 21 januari 1849 te Vreeland.
    • Cornelis Baar, geboren 11 november 1846 te Vreeland, overleden 22 december 1891 te Hilversum, gehuwd op 21 november 1884 te Vreeland met Alida Bak, geboren op 16 augustus 1851 te Loosdrecht, dochter van Johannes Bak en Jacomina de Bas.
    • Korstiaan Baar, van beroep arbeider, geboren op 22 december 1848 te Vreeland, overleden op 5 juni 1938 te Ankeveen, gehuwd op 9 oktober 1874 te Nederhorst den Berg met Helena de Bruijn, geboren 1845 te Nederhorst den Berg, dochter van Jacobus de Bruijn en Elisabeth Vrijhoef.
    • Johannes Cornelis Baar, geboren op 10 september 1851 te Vreeland, overleden 22 juli 1883 te Nederhorst den Berg, gehuwd op 15 augustus 1877 te Vreeland met Maria Elizabeth Kramer, geboren 25 september 1850 te Amsterdam, overleden 31 december 1936 te Nederhorst den Berg, dochter van Jodocus Kramer en Aaltje de Groot.
Theodora Johanna Baar, geboren 13 maart 1855 te Vreeland, overleden 14 mei 1931 te Haarlem, gehuwd met Hendrikus Oostrom op 13 juni 1878 te Montfoort, geboren 26 maart 1852 te Montfoort, zoon van Jacob Oostrom en Elisabeth Hartger.
    • Johanna Christina Baar, geboren 22 juni 1859 te Vreeland, overleden op 22 jui 1914 te Vreeland, gehuwd met Gerardus Bak op 21 november 1884 te Vreeland, geboren 19 mei 1859 te Loosdrecht, overleden op 13 april 1919 te Utrecht, zoon van Johannes Bak en Jacomina de Bas.
  • Cornelis Baar, van beroep fuselier, geboren 19 december 1818 te Vreeland, overleden te Nijmegen op 8 juni 1839.
Uniform fuselier
  • Wilhelmina Sophia Baar geboren 13 mei 1821 te Vreeland, overleden 3 juli 1866 te Abcoude-Proostdij, gehuwd met Hendrik de Kruijff, geb. rond 1813 te Loosdrecht, overleden op 4 juli 1866 te Abcoude Proosdij, zoon van Gijsbert de Kruijff en Hendrikje Baars.
  • Sophia Baar, geboren 11 decmeber 1824 te Vreeland, overleden 4 augustus 1866 te Culemborg, gehuwd met Pieter Gabriel Stornel, geb. 5 april 1831 te Culemborg, overleden op 18 november 1865 te Culemborg, zoon van Cornelis Stornel en Antonia Mennekes
    Frederik Baar, geboren 26 februari 1847 te ‘s-Graveland, overleden 30 oktober 1912 te Bussum, van beroep metselaar, gehuwd op 12 augustus 1874 te Hilversum met Elisabeth Lam, geboren 8 september 1849, dochter van Hendrik Lam en Catharina Theodora Humme. 
Uit dit huwelijk:
Cornelis Frederikus Baar, van beroep metselaar, geboren op 29 januari 1880, overleden op 29 december 1955, gehuwd op 22 augustus 1902 te Hoorn, met Wilhelmina Catharina Reinierse, geboren op 13 april 1883 te Hoorn, overleden op 27 oktober 1958 te Amsterdam. Het huwelijk is op 18 juni 1935 ontbonden. Dochter van Jacobus Reinierse en Diewertje Hoek.
Uit dit huwelijk:

  • Jacobus Hendrikus Baar, van beroep chef garage stadsreiniging, geboren 21 december 1902 Hoorn, overleden 9 december 1938 te Amsterdam, gehuwd met Cornelia Johanna Blom, geboren op 28 februari 1903 te Amsterdam, overleden op 27 oktober 1983 te Coevorden.
  • Frederik Baar, geboren op 28 januari 1904 te Amsterdam, overleden 5 augustus 1904 te Amsterdam.
  • Frederikus Arnoldus Baar, van beroep stoker, geboren op 24 maart 1905 te Amsterdam, overleden op 11 november 1978 te Zaandam.
  • Johannes Hendericus Baar, van beroep verkoper, geboren op 14 maart 1907 te Amsterdam, overleden 25 juni 1945 te Amsterdam, gehuwd met Jane van der Linden, geboren op 7 juli 1915 te Amsterdam, overleden 29 april 1987 te Amsterdam, dochter van Cornelis van der Linden en Elizabeth Valk.
Uit dit huwelijk:
    • Wilhelmus Cornelis Baar, geboren op 2 februari 1936 te Amsterdam, overleden op 10 oktober 1999 te Wormer, gehuwd op 5 maart 1960 te Amsterdam, met Charlotte Jana Linda Baar, geboren op 15 maart 1937 te Amsterdam, overleden op 13 januari 2015 te Zaandam, dochter van Rabbertus Meiring en Ida Olga Charlotte Weiss.
      Uit dit huwelijk:
      • Frederik Johannes Baar, geboren te Amsterdam, gehuwd op vrijdag 5 september 1986 te Wormer met Simone Snijder.
      • Robertus Baar, geboren te Amsterdam.
    • Frederikus Arnoldus Baar, geboren op 7 februari 1940 te Amsterdam , overleden op 17 januari 1941 te Amsterdam.
    • Frederikus Arnoldus Baar, geboren op 3 februari 1944 te Amsterdam, overleden op vrijdag 28 november 2003 te Mexico, gescheiden van Trijntje van Kouwenberg, dochter van Cornelis Maria Kouwenberg en Johanna Reinierse.
      Uit dit huwelijk:
      • Petra Baar, geboren te Zaandam, gehuwd met Ronald Hop.
      • Astrid Baar, geboren te Wormerveer, gehuwd met Arnold Johnan Helderman. (huwelijk is ontbonden.)
  • Arnoldus Baar, geboren op 7 oktober 1908 te Amsterdam, overleden op 4 juni 1978 te Amsterdam.
  • Cornelis Frederikus Baar, geboren op 1 april 1910 te Amsterdam, overleden op 12 oktober 1975 te Utrecht, gehuwd op 26 augustus 1942 te Utrecht met Bartha Frederika Jongejans, geboren op 11 juni 1905 te Utrecht, dochter van Henderik Jacobus Jongejans en Bartha Delfgouw.
  • Divera Maria Baar, geboren op 8 februari 1912 te Amsterdam, overleden op 9 april 1980 te Amsterdam, gehuwd op 23 november 1932 te Amsterdam met (1) Albert Bakker, geboren op 11 juni 1913 te Walsum, duitsland, overleden op 17 december 1943 te Medemblik – huwelijk ontbonden op 7 jul 1937, zoon van Klaas Bakker en Margie Gerrits. (2) Adrianus Johannes Vos, geboren 20 maart 1906 te Naarden, overleden op 9 april 1980 te Amsterdam (huwelijk op 7 juni 1944 te Amsterdam), zoon van Jacob Vos en Hendrika de Wit van Huissteden.
  • Theodorus Baar, geboren op 2 januari 1914 te Amsterdam, overleden op 20 april 1983 te Amsterdam, gehuwd 26 maart 1941 te Amsterdam met Petronella Johanna van der Wel, geboren op 11 januari 1921 te Amsterdam.
  • Elizabeth Baar, geboren op 21 september 1919 te Amsterdam.
  • Wilhelmina Catharina Baar, geboren op 20 februari 1923 te Amsterdam, overleden op 16 februari 1939 te Amsterdam.

Naar aanleiding van het onderzoeken van de stambomen van de familie Reinierse, Kouwenberg en Baar, heb ik gezocht naar de oorsprong van deze families.

Middels het internet (Wikipedia) heb ik het volgende gevonden;

Familie Reinierse:

Huis der Reiniers

Het Huis der Reiniers (later bekend als het Huis Brabant) was een Lotharische dynastie ten tijde van de Karolingers en Ottonen. Ze waren de eerste dynastie die over het graafschap Henegouwen regeerden en brachten twee Hertogen van Lotharingen voort. De dynastie werd gesticht door Giselbert van de Maasgouw toen die Ermengarde, de dochter van koning Lotharius I van Midden-Francië schaakte en vervolgens huwde.
Na de dood van Karel de Dikke geraakten de Reiniers in een lange strijd met de Konradijnen om de macht in Lotharingen verwikkeld. Toen ze er in 910 in slaagden Karel de Eenvoudige als koning te laten verkiezen, kwamen ze als overwinnaars uit de bus. Maar uiteindelijk moesten ze aan macht inboeten door een coalitie tussen de Karolingers van West-Francië en de aartsbisschop van Keulen, Bruno I. In 958 werden de bezittingen van Reinier III van Henegouwen geconfisqueerd en aan Gerard van Metz (een telg van de Matfridingen, vijanden van het Huis der Reiniers sinds de periode van koning Zwentibold) geschonken.
Tegen het einde van de tiende eeuw was de dynastie geen hechte familie meer. Hun nazaten in de graafschappen Bergen en Leuven bleven echter lange tijd dwarsliggers tegen het koninklijke gezag. De dynastie bracht ook een Engelse koningin voort: Adelheid van Leuven, echtgenote van koning Hendrik I van Engeland.

Familie Kouwenberg.

Kouwenberg is een buurtschap in de gemeente Tilburg in de Nederlandse provincie Noord-Brabant. Het ligt iets ten noorden van de stad Tilburg aan de weg naar Vijfhuizen. Het is tevens een veel voorkomende achternaam, in allerlei varianten.

Geschiedenis

De naam Kouwenberg is terug te vinden in talloze vermeldingen uit de 15e tot 17e eeuw, onder namen als Coudenberch en Cauwenberch. Bijvoorbeeld in 1422 "'t goet ten Coudenberch in Westtilborch", in 1445 "'t goet ten Coudenberch by 't goet ten Haenberch", in 1550 op "ten Couwenberch en den Cauwenberch by 't Loonsch Gericht", in 1628 "'t goet ten Caudenberch". De familienaam Kouwenberg is in Tilburg al sinds ca. 1450 bekend.
Een kaart uit 1760 heeft een weg van de Heikantsche Molen, die op de grens van Loon op Zand op de Houtsche straat uitkomt. Deze weg liep westelijk langs Kouwenberg, Groote Hei, Vijfhuize en Driehuize. In het boekje de Verdeeling van de Tienden uit 1778 is de Zesden Klamp, Genaamt Kouwenberg. Bij het eerste officiële besluit van B & W in 1909 is de omschrijving van de Kouwenberg: De drie woningen ten Zuiden van de Vijf Huizen, bewoond door A. Leppers, L. Klomp en N. Schalken.
Familie Baar
Kasteel Baer

Gunstig gelegen

Evenals andere kastelen aan de IJssel maakt ook kasteel Baer gebruik van zijn gunstige ligging aan het water. Het stamslot van de heren van Baer is echter niet genoemd naar de speciale karakteristiek van de grond waarop het kasteel is opgetrokken. De naam Baer duidt op het heraldische begrip schuinbalk. De heren van Rheden voeren een rode schuinbalk op hun wapen en zij noemen hun nieuwe kasteel daarnaar.


De afbeelding vertoont een detail van een kaart van een anonieme tekenaar. Deze kaart heeft het opschrift: 'gecopieert uijt een ouwt caertje gevonden go'de ouwde secretarije derstadt Arnhem, sijnde bijna geheel vergaen uijt 1665'. Hierop is te zien dat het kasteel pal aan het water ligt.

Weinig bekend

Kasteel Baer wordt in 1272 voor 't eerst genoemd als Frederik III van Rheden van Baer Ψ van kasteel Rheden naar kasteel Baer verhuist.
Het kasteel komt pas weer de uit nevelen der historie te voorschijn als Jan III, graaf van Egmond, heer van Baer Ψ, in 1495 in zijn kasteel aangevallen wordt door hertog Karel van Gelre Ψ, Frederik van Bronckhorst en Borculo Ψ en de steden Doesburg en Zutphen.
Het kasteel ligt in 1495 anderhalf uur gaans van Doesburg, hetgeen het moeizame reizen destijds illustreert. Op Hemelvaartsdag valt het kasteel. De door hertog Karel meegebrachte metselaars uit Doesburg en Zutphen gaan dan aan het werk. Het kasteel wordt tot op de fundamenten afgebroken en zal nooit meer worden herbouwd.

Voor meer informatie:
https://www.graafschap-middeleeuwen.nl/joomla/index.php/adel/heerlijkheid/45-heren-van-baer-huis-rheden.html

                Boven in het midden van van de kaart is de aanduiding van Baar te vinden


 


                                                         Kasteel Baer.

Of de families Reinierse, Kouwenberg en Baar hier hun oorsprong hebben blijft gissen. Echter over de historie is daarvan niets op het internet te vinden.